INKOMSTENBELASTING - 04.02.2019

Algemene heffingskorting (partner) toegepast?

In het land van de fiscale kortingen (arbeidskorting, heffingskorting, etc.) wordt het voor velen even duizelen. Daarom eens aandacht voor de algemene heffingskorting per 2019. Valt daar voor u iets te beïnvloeden en/of te winnen?

Voorafje ... De algemene heffingskorting is een korting die u krijgt op het te betalen bedrag aan inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen. Zo heeft iedereen in beginsel recht op de algemene heffingskorting. Voor 2019 bedraagt de algemene heffingskorting:

Inkomen box 1 U bent het hele jaar jonger dan de AOW-leeftijd U heeft het hele jaar de AOW-leeftijd
niet hoger dan € 20.384 € 2.477 € 1.268
Hoger dan € 20.384 en niet hoger dan € 68.507 € 2.477 -/- 5,147% x (belastbaar inkomen uit werk en woning -/- € 20.384) € 1.268 -/- 2,633% x (belastbaar inkomen uit werk en woning -/- € 20.384)
Hoger dan € 68.507 € 0 € 0

AOW-leeftijd. De AOW-leeftijd bedraagt in 2019 66 jaar en 4 maanden.

Geen of te weinig inkomen partner?

Stel dat uw echtgenoot of partner geen of te weinig inkomen heeft en daardoor geen of minder belasting betaalt dan de algemene heffingskorting. Let op. De algemene heffingskorting gaat dan in zijn geheel of deels verloren omdat er niets te verrekenen valt. Betaalt u voldoende belasting, dan krijgt uw echtgenoot of partner (mits u meer dan zes maanden fiscale partners bent) de algemene heffingskorting wel uitbetaald.

Na 1962. Is uw partner echter geboren na 1962 en heeft hij of zij geen of weinig inkomen, dan krijgt hij of zij slechts 26,685% van € 2.477 uitbetaald = € 661. In totaal gaat dus € 1.816 van de algemene heffingskorting van uw partner verloren.

Let op. De uitbetaling van de algemene heffingskorting (€ 661) wordt voor personen die geboren zijn na 1962 jaarlijks afgebouwd voor de minstverdienende partner. Dit geldt niet als de partner geboren is voor 1963. Tip. Zorg dat uw partner voldoende belastbaar inkomen heeft, dan wordt de hele algemene heffingskorting wel verrekend.

Hoe beïnvloedt u dat?

Box 3-vermogen. Heeft u inkomen uit sparen en beleggen en dreigt de algemene heffingskorting van uw partner geheel of gedeeltelijk verloren te gaan, dan kan het interessant zijn om het vermogen in box 3 (deels) aan uw partner toe te rekenen. Tip. Op deze manier creëert u de mogelijkheid dat bij uw partner de algemene heffingskorting wel verrekend kan worden en betaalt u minder of geen belasting over het box 3-vermogen.

Meewerkende partner. Werkt uw partner mee in uw onderneming en ontvangt uw partner hiervoor een arbeidsbeloning? Tip. Zorg dan dat de arbeidsbeloning per jaar € 5.000 of meer bedraagt. U mag dit bedrag dan van uw winst aftrekken. Bij uw partner is dit bedrag belast waardoor er algemene heffingskorting verrekend kan worden.

Let op 1. Een lagere arbeidsbeloning is niet aftrekbaar van uw winst en ook niet belast bij uw partner.

Let op 2. De arbeidsbeloning moet wel reëel zijn, dus gelijk aan een bedrag dat u ook aan een derde zou betalen.

Let op 3. Extra inkomen voor uw partner kan gevolgen hebben voor toeslagen en de studiefinanciering van uw kinderen.

Overheveling van vermogen (box 3) naar uw partner (geboren na 1962) met geen of te weinig inkomen of het toekennen van een reële arbeidsbeloning (minimaal € 5.000) voor uw meewerkende partner kan ervoor zorgen dat u de heffingskorting niet verspeelt.

Contactgegevens

Indicator BV | Schootense Dreef 31 | Postbus 794 | 5700 AT Helmond

Tel.: 0492 - 59 31 31 | Fax: 040 - 711 17 00

klantenservice@indicator.nl | www.indicator.nl

 

KvK-nummer: 17085336 | Btw-nummer: NL-803026468B01