BELASTINGCONTROLE - 07.12.2011

Wanneer heeft de fiscus nu echt het nakijken?

Als u een definitieve aanslag inkomstenbelasting heeft ontvangen, mag u ervan uitgaan dat deze ook definitief is. Slechts in bijzondere gevallen mag de fiscus nog een aanslag opleggen. Wanneer is het einde oefening voor de fiscus?

De hoofdregel. Uw aangifte inkomstenbelasting dient gewoonlijk vóór 1 april te worden ingediend. De Belastingdienst moet vervolgens binnen drie jaar na afloop van het belastingjaar een definitieve aanslag opleggen. Heeft u bijvoorbeeld uw aangifte inkomstenbelasting 2008 zonder uitstel in­­gediend, dan heeft de Belastingdienst nog tot en met 31 december 2011 de tijd om een definitieve aanslag op te leggen.

Uitstel. Deze driejaarstermijn wordt echter verlengd als er voor het indienen van uw aangifte uitstel is verleend door de Belastingdienst. De gewone termijn voor uitstel is tot 1 september (vijf maanden). Dit uitstel kunt u krijgen als u daarom vóór 1 april verzoekt.

Als uw aangifte door een belastingconsulent wordt gedaan, is de normale termijn voor uitstel tot 1 mei van het volgende jaar (13 maanden). In deze gevallen wordt de driejaarstermijn dus verlengd met 5 of met 13 maanden en heeft de Belastingdienst wat langer de tijd om een definitieve aanslag op te leggen. Is de fiscus te laat, dan kan dat een leuke meevaller voor u zijn! Tot zover de hoofdregel, nu de uitzonderingen.

Mag de fiscus belasting navorderen?

Controle. Als de Belastingdienst na het opleggen van een definitieve aanslag inkomstenbelasting ont­­dekt dat er te weinig belasting is geheven, mag er nóg een aanslag opgelegd worden, een navorderingsaanslag. Maar dat kan alleen onder bepaalde voorwaarden, anders is het einde oefening voor de fiscus!

Voorwaarde: nieuw feit. De Belastingdienst kan alleen navorderen als er sprake is van een ‘nieuw feit’: een feit dat de fiscus redelijkerwijs niet kon weten toen de definitieve aanslag werd opgelegd (tenzij u te kwader trouw was, maar daar gaan we even niet van uit). Dus als u niet bewust een foute aangifte heeft ingediend en de belastingambtenaar heeft bij het opleggen van de definitieve aanslag niet goed opgelet, dan heeft hij mooi pech gehad en staat u goed sterk met uw be­­zwaar.

Fiscus heeft geen nieuw feit nodig als ...

In de volgende gevallen heeft de fiscus geen nieuw feit nodig om te kunnen navorderen:

  • bij een onjuiste verrekening van een voorlopige aanslag (of teruggaaf), voorheffing of voorlopige verliesverrekening (1);
  • als u redelijkerwijs kon weten dat de fiscus een fout heeft gemaakt (bij schrijf- of tikfout) (2);
  • bij wijziging van de inkomensverdeling tussen fiscale partners (3);
  • bij navordering van meer dan 30% van de totaal verschuldigde inkomstenbelasting (4).

Maar ook in deze gevallen gelden termijnen waaraan de Belastingdienst zich moet houden.

Wanneer is de fiscus te laat?

Fiscus heeft te maken met termijnen. Als een navorderingsaanslag mag worden opgelegd op grond van (1), (2) of (3) moet dat gebeuren binnen vijf jaar na het belastingjaar. Ook deze termijn wordt verlengd met de duur van het verleende uitstel voor indiening van de aangifte. Een navordering die uitsluitend gebaseerd wordt op (2) en (4) moet gebeuren binnen twee jaar na de datum van de aanslag, en ook binnen de vijfjaarstermijn. Gaat het om navordering van belasting over buitenlandse inkomsten, dan is de termijn 12 jaar.

Als de fiscus bij u wil navorderen, dan kan dat alleen binnen de strenge wettelijke voorwaarden die daarvoor gelden. Check aan de hand van dit advies of het niet einde oefening is voor de fiscus. Voer het aan in uw bezwaar als dat zo is, want dan staat u sterk!

Contactgegevens

Indicator BV | Schootense Dreef 31 | Postbus 794 | 5700 AT Helmond

Tel.: 0492 - 59 31 31 | Fax: 040 - 711 17 00

klantenservice@indicator.nl | www.indicator.nl

 

KvK-nummer: 17085336 | Btw-nummer: NL-803026468B01